De vangrail van mijn kinderen

“Don’t you ever let a soul in the world tell you that you can’t be exactly who you are.”

Lady Gaga

Naarmate mijn kinderen ouder worden nemen bij mij de vragen en het soms beklemmende gevoel van verantwoordelijkheid toe.
Toen mijn zoon geboren werd, werd ik overweldigd door een algeheel en compleet nieuw gevoel van verantwoordelijkheid: namelijk die van een ander levend wezentje, wat volledig in mijn handen lag … Ik weet nog dat dit gevoel toen soms ook beangstigend was, want ja … het lag aan mij, hoe goed of slecht ik mijn rol als mama oppakte en wat er uiteindelijk van mijn zoon terecht zou komen.

Wordt hij gelukkig?
Houd hij van zichzelf?
Zal hij anderen met respect behandelen?
Volgt hij zijn dromen en gaat hij later doen waar zijn hart ligt?

Om maar eens een paar vragen te noemen die soms dagelijks door mijn hoofd spoken. Maar de grootste vraag ooit sinds ik kinderen heb is toch wel:

Wat kan ik als moeder doen om er zorg voor te dragen dat mijn
kinderen zelfverzekerde en evenwichtige mensjes worden en hoe kan ik
daar een zo goede en sterk mogelijk basis voor leggen nu ze nog zo klein zijn?

Weet jij het?

Over beangstigend gesproken, want, wat als? … Wat als ik er niet in slaag? En als ik dat wil “voorkomen” waar doe ik dan eigenlijk goed aan en waaraan niet? Wanneer ben ik niet geslaagd? Wat zijn mijn grootse angsten dat er mis kan gaan? Soms voelt het zooooo enorm kwetsbaar. En wat als dat ene moment, waar je op een later moment over twijfelde of waar je spijt van had, die basis die je zo stevig wilt maken, doet wankelen of zelfs scheuren veroorzaakt…..? Gelukkig stel ik mij deze vragen niet iedere dag en voelt ook het verantwoordelijkheidsgevoel lang niet altijd zo groot. Het gaat met golfbewegingen. Soms omdat het een moeilijke fase van mijn kinderen is, soms omdat ik zelf niet zo lekker zit en soms omdat ik me ineens zo enorm bewust wordt van de kwetsbaarheid die schuil gaat in het zo natuurlijke proces van opvoeden.

Eigenlijk toch bijzonder dat we voor een zo kwetsbare en zo verantwoordelijke taak als het groot brengen van kinderen geen handleidingen of opleiding voor aanstaande ouders hebben. Een soort survival gids of google alleen voor ouders. Een mega database als naslagwerk op alle, maar dan ook alle vragen en twijfels hoe klein of groot ook. Een opleiding waarin alleen in de praktijk geleerd en ervaren wordt, een soort “lerning on the job” voor de eerste basisvaardigheden van ouderschap of zo.

Je groeit er in mee, in het ouderschap en de levensfasen van je kind, maar wat geen enkele survival gids, digitaal naslagwerk of praktijk opleiding voor ouderschap kan ondervangen is hoe het voor mij, voor jou en voor iedereen die mama of papa wordt, voelt. Hoe jij het ouderschap ervaart, hoe het voor jou voelt, wat het met jou doet en hoe je ermee omgaat.

Dat moet je ervaren en kan je niet oefenen, leren of naslaan (helaas?). Je weet pas wat het is en wat het met jou doet als je het bent.

Mijn man en ik hebben al voor wat uitdagingen gestaan in onze rol als ouder, maar dat is iets voor een andere blog (ooit). Soms waren er dagen waarbij het voelde alsof het buiten mijn macht als moeder lag, ik tegen een grens van mijn eigen ouderschap aanliep. Een van de meest frustrerende dingen die ik ooit gevoeld hebt en waardoor ik mij eens zo zeer ben gaan afvragen wat ikzelf van mij als ouder verwacht en wat ik mijn kinderen wil kunnen bieden en meegeven, hoe dan ook.

Het antwoord op deze vraag was voor mij luid en duidelijk:
Ik ben de vangrail van mijn kinderen!

Voor mij betekend dit:
- Een voor hun vrije ruimte die tot aan zijn grenzen een aanvaardbare mate aan risico’s heeft. Waar zij zich veilig als zij tegen de grenzen op botsen, opgevangen worden.
- Mijn kinderen deze ruimte voelen en zich daardoor veilig zichzelf en hun omgeving op hun eigen manier te ontdekken. 
- Ik (leer) los(laten) laat. 
- Zij mogen voelen hun eigen proces en weg te lopen.
- Zij mogen voelen dat ze veilig zijn en vanuit vertrouwen durven te rennen en tegen de vangrail botsen.
- Ik er voor ze ben, op de achtergrond of dichtbij. Wat zij op dat moment nodig hebben.
Ook als ik de antwoorden soms niet weet.
Ook als ik soms niet meteen reageer zoals ik dat zou willen.

De rails is er! Altijd! Soms sterk en soms zacht.

Ik hoop dat mijn kinderen deze veiligheid voelen en mij nu, maar ook later als vangrails “gebruiken”. Misschien hebben ze iets ongelofelijk stoms gedaan en misschien maakt het mij enorm boos of verdrietig, maar het gaat niet om mijn gevoel of verwachtingen. Het gaat er om dat zij zich veilig en vrij genoeg voelen om er toch mee te komen en ik er voor hun kan zijn in wat zij op dat moment nodig hebben.

Want, mijn kinderen zijn niet van mij, maar van zichzelf. Deze uitspraak heb ik gepikt van de serie “Oogappels”. Het kwam meteen binnen. Ik denk omdat het iets is wat gedurende mijn ouderschap steeds meer tot mij doordringt. Hoe moeilijk dat soms ook is en zeker nog zal worden. Het gaat er niet om wat mijn verwachtingen of wensen zijn over hoe zij zijn of wat ze worden, maar dat ik hun ondersteun in de ontdekkingstocht naar wie zij zijn, willen zijn en daardoor zichzelf durven te zijn.

Mijn dochtertje is 3,5 jaar en is enorm eigenwijs. Zij kiest al een tijdje haar eigen kleren uit. Het is iets heel kleins, maar een van de eerste momenten waarin ik geconfronteerd werd met een verschil tussen mijn eigen wensen en die van mijn kind! Mijn dochter kiest niet altijd uit wat ik mooi vind. Ook matchen de combinaties

in kledingkeuze niet altijd even goed:). De eerste keren heb ik nog geprobeerd me hier tegen aan te bemoeien, maar inmiddels kiest zij lekker zelf. ‘Tuurlijk laat ik haar in de winter niet in een korte broek de deur uit gaan, er zijn grenzen.

Soms zijn er momenten dat ik echt even op mijn tanden moet bijten, als ik het eigenlijk niet de mooiste keuze vindt. Maar waar gaat het nou eigenlijk om? Dat mijn dochter de deur uit gaat zoals ik dat zou willen en zoals ik wil dat andere haar zien? Of dat zij mag voelen dat zij mag leren zelfstandig worden en dat zij zelf keuzes mag maken en zij goed is zoals zij is! Dus ja, wat ik het aller liefste voor mijn kinderen wil, los van eigen verwachtingen en (onbewuste) wensen, dat mijn kinderen zichzelf zijn en daar helemaal ok mee zijn. Zich vrij voelen om hun eigen pad te kiezen, los van wat mama of papa misschien zouden willen.
Misschien kom ik hier over een jaartje of 10 nog wel terug, want dan zitten mijn kinderen allebei midden in de puberteit! :). Poeh, en als ik daaraan denk …. Zo beangstigend als de mate van invloed op het groot brengen van mijn kinderen met momenten is, zo beangstigen is het feit dat je als ouder op sommige dingen juist helemaal geen invloed hebt en steeds minder invloed gaat hebben. De invloed op andere plekken en door andere mensen wordt steeds groter naarmate ze ouder worden. Deze gedachte probeer ik nog maar even voor mij uit te schuiven, totdat het moment er is.

Of ik antwoorden ga vinden op al mijn vragen? Op sommige wel en op anderen misschien nooit.
Zal het soms enorme verantwoordelijkheidsgevoel weggaan? Ik denk het niet.

Ik denk dat het er gewoon bij hoort, hoe moeilijk het ook kan zijn. Het zou toch ook gek zijn, als het je als ouder niet interesseert of je kinderen “goed terecht komen”? Ook hier groei je denk ik in mee en hoort het gewoon bij jou en bij jouw leven zodra je kinderen krijgt. Alleen voelt het de ene keer zelfs bijna “gewoon” en last het de andere keer zwaar op je schouders.

Ik probeer zo veel mogelijk om bij mijn gevoel te blijven, dit te volgen en op mijn gevoel als moeder te vertrouwen. Soms “grijp” ik actief in en soms laat ik het los, waarbij ik lostalen een stuk moeilijker vind.

Mezelf blijven als moeder maar ook als mijzelf. Mijn kinderen mogen weten en zien wie ik ben en hoe ik met dingen omga.

Praten met vriendinnen vindt ik fijn. Voor advies, om gewoon even mijn verhaal te kunnen doen of om te horen dat ik niet alleen ben met al mijn vragen, zorgen en gevoelens. Dat maakt het op de moeilijke momenten vaak meteen een stuk lichter.

Hoe dan ook, dat ik mijn kinderen alles, maar dan ook alles mee wil geven, is een feit. En als ik dan ’s avonds te trap op loop om naar bed te gaan, kijk ik nog even hun pkamers in en aai ze nog even over hun bolletje terwijl ze lekker liggen te slapen. Dan voel ik me compleet en is de wereld weer even goed, terwijl ik denk: “Volgens mij hebben we toch al wel iets goed gedaan.”